Keulen

keulen, voorjaar 2009 | Desipientia kunsthistorisch tijdschrift

Keulen
Jaargang 16, nr. 1.

Jos Koldeweij & Jean-Pierre van Rijen, “Voorwoord: Keulen – Coellen”, pp. 2-3.

Kees van der Ploeg, “Romaans Keulen in de spiegel van monumentenzorg en architectuurgeschiedenis”, pp. 4-8.

Jos Koldeweij, “Zeven dames, tien heren en negen kindertjes: vijf voorstellingen van de Heilige Maagschap in het Wallraf-Richartz-Museum”, pp. 9-13.

Christel Theunissen, “Een ridder als opdrachtgever? Het Wassenberger koorgestoelte in Museum Schnütgen”, pp. 14-16.

Bram de Klerck, “Bartolomé Esteban Murillo: De aflaat van Porziuncola”, pp. 17-20.

Sible de Blaauw, “De Kerk van de Gouden Heiligen: St. Gereon”, pp. 21-24.

Daan Van Speybroeck, “Uit mijn doen Over het Domfenster van Gerhard Richter: “Ce que je voyais je ne puis dire ce que c’était.” - Pierre Klossowski, Le bain de Diane (1972)”, pp. 25-28.

Jean-Pierre van Rijen, “Vater Rhein”, p. 29.

Klaartje Huijben, “Hebzucht of gemeenschapszin? Valsemunterij in het Romeinse Keulen van de derde eeuw”, pp. 30-33.

Kees Veelenturf, ”Niet geschikt voor dikke krullen: de kam van de heilige Heribert”, pp. 34-39.

Wouter Weijers, “Jasper Johns’ Untitled (1972) ontleed en verklaard”, pp. 40-43.

Jeroen Goudeau, “Rijnlandse Renaissance: de voorhal van het Keulse stadhuis”, pp. 44-48.

Volker Manuth, “‘Ick ben gheaffectionneert tot de stadt van Ceulen…’ Rubens’ Kruisiging van St. Petrus in St. Peter te Keulen”, pp. 50-52.

Meer