Receptie in beeld

Receptie in beeld | Desipientia

Receptie in beeld
Jaargang 5, nr. 2.

Receptie in beeld

Bij de bestudering van beeldende kunst staat de wijze waarop een kunstwerk in zijn eigen tijd of in de eeuwen daarna door de beschouwer wordt ontvangen in veel gevallen centraal. Door ontvangst, de receptie, kan immers van dienst zijn de plaats en de functie die een kunstwerk in de samenleving inneemt te verklaren. Receptie is tijd- en cultuurgebonden en dus onderhevig aan verandering. Zo kan een eens zeer gewaardeerd kunstwerk door de volgende generatie onbelangrijk worden geacht. Wat eens onbelangrijk scheen, kan vanuit nieuwe perspectieven bezien, daarentegen juist aan betekenis winnen. Voor het begrip van een kunstwerk is een reconstructie van de receptiegeschiedenis van groot belang.

Het zal niet verwonderlijk zijn dat in deze uitgave van Desipientia – zin & waan de nadruk ligt op de receptiegeschiedenis. Diverse auteurs richten hun pijlen op dit terrein binnen de kunsthistorische wetenschap.

Inhoud

Barbara Kruijsen, “De verzamelaar Florent van Ertborn en zijn liefde voor Jacoba van Beieren”, pp. 4-11.

Sible de Blaauw, "De valkuil van Martinus V: De open confessio in de patriarchale basilieken van Rome”, pp. 12-16.

Jaco Rutgers, “Filips II en de schilderijencollectie van El Escorial: “[…] algun objeto que recree la vista y despierte a devocion el alma […]””, pp. 17-22.

Pieter Roelofs, “Rome in zicht! Een beeld van de Eeuwige Stad in de Nederlanden gedurende de zeventiende eeuw”, pp. 23-33.

Harry Tummers, “Het favoriete kunstwerk van…”, pp. 34-35.

Claudia Licher, “Paolo Veronese en de verbeelding van Judith”, pp. 36-42.

Herman Tibosch, “Simpel”, pp. 44-45.

Doctoraalscripties in de kunstgeschiedenis aan de Katholieke Universiteit Nijmegen 1996-1997, pp. 46-47.

Meer